| |
EINDE VERHAAL
Theseus
liep langs het touw, de leidraad, terug naar de ingang van het labyrint,
de ingewikkelde doolhof.
En daar stond prinses Ariadne op hem te wachten. Ze holde naar hem toe
en omhelsde hem. "Vlug" zei ze. "We moeten opschieten anders zullen de
soldaten van mijn vader ons vinden." Ariadne en Theseus renden naar de
haven, waar het schip met de zwarte zeilen in top nog voor anker lag. Aan boord
waren ook de zeven jonge mannen en de zeven meisjes. Ze waren die morgen
door Theseus en Ariadne bevrijd.
Terwijl de zon opkwam, begon het schip aan de terugreis naar Athene. Ze
zeilden de haven van Kreta uit op weg naar Athene. Na enige tijd kwam
het eiland Naxos in zicht. Ze vierden feest en Theseus beloofde Ariadne
dat zij mee mocht naar Athene. De volgende ochtend vertrok Theseus met
de kop van de Minotaurus in een witte zeil gewikkeld. Hij liet
Ariadne achter.
Even later merkte Ariadne dat en schreeuwde: "Theseus, Theseus laat me
niet alleen achter. Je had me beloofd, dat ik mee mocht. Waarom laat je
me hier? "Theseus ik vervloek je !"
Theseus voer naar de stad Athene. Hij
vergat bij aankomst in de haven van Athene de witte zeilen te hijsen zoals hij
had afgesproken met zijn vader. Koning Egeas zag het schip met de zwarte
rouwzeilen de haven van Athene binnenvaren en dacht dat Theseus dood was en
pleegde zelfmoord door zichzelf in de zee te werpen. Theseus, bedroefd door
dit gebeuren, werd
koning van Athene en heeft de zee vernoemd naar zijn
vader Egeas: Egeïsche Zee.
terug
|
|